Date: dinsdag - 18 januari 2022
Wat wij doen

Dat is wat wij doen. Een écht objectief advies geven over een bepaald vraagstuk. Mocht u ergens mee zitten, van financiën tot woningbouw, wij van Second Opinion helpen u graag.

IB 2001

Bedrijfsspaarregeling 
Begrippenlijst 
Boxenstelsel 
Hypotheken 
Kapitaalverzekeringen

 

IB 2001
Bedrijfsspaarregeling 

 ^top

Het jaarlijks maximaal te sparen bedrag voor de spaarloonregeling is voor 2004 vastgesteld op € 613,-.

U mag sparen voor :

  • De verwerving van een eigen woning
  • De aankoop van effecten
  • De betaling van lijfrentepremies
  • Vrijwillig betaalde premies voor zogenaamde individuele pensioenmodules
  • Premies voor bepaalde kapitaalverzekeringen
  • Het betalen van een (eigen) studie
  • Verlof (zoals zorgverlof en sabbatical leave)
  • Het starten van een eigen onderneming

 

In box 3 geldt voor bedrijfsspaartegoeden een vrijstelling tot een maximum van € 17.025,-.

 
Begrippenlijst 

 ^top

Heffingskorting
De heffingskorting bestaat uit een algemene korting op de verschuldigde belasting en eventuele aanvullende kortingen. De hoogte van de aanvullende heffingskortingen is afhankelijk van de persoonlijke situatie. De algemene heffingskorting bedraagt in 2004 € 1.825,-.

Progressief
De heffing over het inkomen in box 1 is progressief. Dat wil zeggen dat het percentage belasting oploopt tot maximaal 52%.

Lijfrente
Een lijfrente keert geen kapitaal ineens uit, maar een periodiek bedrag vanaf een in de polis vastgelegde datum bij het in leven zijn van de verzekerde. De toekomstige uitkeringen zijn progressief belast; de betaalde koopsom of premie is aftrekbaar, zij het niet onbeperkt.

Jaarruimte
Dit is de aftrek die wordt afgeleid aan de hand van de vaststelling van een pensioentekort. Dit pensioentekort moet de belastingplichtige zelf aantonen. Hierbij zijn verschillende gegevens van belang.

Kapitaalverzekering
Een kapitaalverzekering keert een kapitaal uit hetzij tijdens het leven van de verzekerde hetzij bij diens overlijden.

Eigen woning
Dit is een pand dat voor u en uw huisgenoten als hoofdverblijf dient. Iedere belastingplichtige kan maar één eigen woning hebben. Een vakantiewoning is geen eigen woning, een woonboot kan wel een eigen woning zijn.

Kapitaalverzekering eigen woning
De kapitaalverzekering eigen woning moet aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • De uitkering moet u verplicht aanwenden voor de aflossing van de geldlening op de eigen woning;
  • Als u ten minste 15 of 20 jaar jaarlijks premie heeft betaald, is de uitkering vrijgesteld tot een bepaald maximum. Als u eerder komt te overlijden is de uitkering eveneens vrijgesteld tot een;
  • Deze vrijstelling bedraagt in 2004 maximaal € 31.200,- (na 15 jaar premiebetaling) of € 137.500,- (na 20 jaar premiebetaling). Deze bedragen gelden per belastingplichtige voor alle kapitaalverzekeringen eigen woning tezamen en zowel bij leven als bij overlijden. De bedragen worden jaarlijks geïndexeerd;
  • Als de geldlening lager is, is de vrijstelling gelijk aan dit lagere bedrag;
  • Wordt de vrijstelling overtroffen, dan moet u progressief belasting betalen over het rentebestanddeel in het meerdere.

 

Spaarloonregeling
Van het brutoloon kan in 2004 een bedrag worden gespaard van maximaal € 613,- per jaar.

 
Boxenstelsel 

^top

De Wet inkomstenbelasting 2001 kent niet één maar drie belastbare inkomens. Deze inkomens zijn ondergebracht in drie afzonderlijke boxen.

BOX 1

Inkomen uit werk en woning

BOX 2

Inkomen uit aanmerkelijk belang

BOX 3

Inkomen uit sparen en beleggen





Inkomensbestanddelen:

  • winst uit onderneming
  • loon
  • resultaat uit overige werkzaamheden
  • periodieke uitkeringen en verstrekkingen
  • inkomsten uit eigen woning
  • negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen
  • negatieve persoonsgebonden aftrek

Af:

  • uitgaven voor inkomensvoorzieningen
  • uitgaven voor kinderopvang

Tarief: progressief (max. 52%)

Verliesverrekening:

  • alleen voor box 1-verliezen mogelijk

Dit geldt alleen als u (alleen of samen met uw partner) meer dan 5% van de aandelen houdt van een B.V. of N.V.

Inkomensbestanddelen:

  • reguliere voordelen
  • vervreemdingsvoordelen










Af:

  • aftrekbare kosten



Tarief: 25%

Verliesverrekening:

  • alleen voor box 2-verliezen mogelijk





Inkomensbestanddelen:

  • Forfaitair rendement
  • (4% van bezittingen minus schulden minus heffingvrij vermogen)








Af:

  • kosten zijn niet aftrekbaar



Tarief: 30%

Verliesverrekening:

  • niet mogelijk

Af:
Persoonsgebonden aftrek *

Af:
Persoonsgebonden aftrek *

Af:
Persoonsgebonden aftrek *


*) Persoonsgebonden aftrek
De persoonsgebonden aftrek komt allereerst in mindering op het inkomen uit werk en woning. De persoonsgebonden aftrek kan het inkomen uit werk en woning niet verder dan tot nihil verminderen. Als de persoonsgebonden aftrek niet geheel of gedeeltelijk in mindering heeft kunnen komen op het inkomen uit werk en woning, komt het restant allereerst in mindering op het inkomen uit sparen en beleggen (niet verder dan nihil) en vervolgens op het inkomen uit aanmerkelijk belang (niet verder dan nihil). Als de persoonsgebonden aftrek niet volledig in aanmerking kan worden genomen, schuift deze in zoverre door naar het volgende jaar.

Box 1 – Schijventarief Belastbaar inkomen uit werk en woning

IB PVV (*) Totaal IB/PVV maximum
0 – 16.265 1,00% 32,40% 33,40% 5.432
16.265 – 29.543 7,95% 32,40% 40,35% 10.789
29.543 – 50.652 42,00% - 42,00% 19.654
50.652 e.v. 52,00% - 52,00% -


(*) Voor belastingplichtigen van 65 jaar of ouder bedraagt het premiepercentage 14,50%.

Levensverzekeringen komen terecht in box 1 of box 3.
Sinds de invoering van de Wet inkomstenbelasting 2001 kennen we een systeem van heffingskortingen in plaats van een belastingvrije som. Een heffingskorting geeft een korting op de te betalen inkomstenbelasting (IB) en premies volksverzekeringen (PVV).

 
Hypotheken 

 ^top

De rente en de kosten van geldleningen voor aankoop, onderhoud of verbetering van de eigen woning kunnen als aftrekpost worden opgevoerd. De maximale periode waarin u hypotheekrente kunt aftrekken is 30 jaar. Voor leningen, die op 1 januari 2001 al bestonden, begon de 30-jaarstermijn op die datum. Voor hypotheken, gesloten na 1 januari 2001, gaat de 30 jaar in op het moment dat u de hypotheek afsluit. Voor uw hypotheekverzekering geldt hetzelfde als voor alle andere kapitaalverzekeringen die op 1 januari 2001 al bestonden.

Bijleenregeling
Met ingang van 2004 is een nieuwe renteaftrekbeperking in de wet opgenomen, de zogenaamde bijleenregeling. De gedachte achter deze regeling is dat de eigenwoningschuld (waarover de rente aftrekbaar is) bij verhuizing mag worden verhoogd voorzover de hogere prijs van de aanschaf van de nieuwe woning niet kan worden betaald uit de opbrengst van de oude woning (het zogeheten "vervreemdingssaldo").

Kapitaalverzekering eigen woning
Een kapitaalverzekering eigen woning dient ter aflossing van schulden die zijn aangegaan ter verwerving van de eigen woning. Als gedurende 15 of 20 jaar jaarlijks premies zijn betaald binnen de bandbreedte 10:1 bestaat er in principe recht op een belastingvrije uitkering. Iedere belastingplichtige heeft een keer recht op deze uitkeringsvrijstelling ('lifetime' uitkeringsvrijstelling).
U kunt uw hypotheekverzekering (op ieder moment) omvormen naar een "kapitaalverzekering eigen woning".

Gevolgen keuze kapitaalverzekering eigen woning
Als kapitaalverzekering eigen woning komt uw verzekering terecht in box 1. Dit betekent dat de opgebouwde waarde niet jaarlijks met netto 1,2% wordt belast. Met de uitkering, op einddatum of bij eerder overlijden, wordt uw hypotheek afgelost. Deze uitkering is onder bepaalde voorwaarden en tot een maximaal bedrag van € 137.500,- per persoon onbelast. Een kapitaalverzekering die niet is gekoppeld aan een eigen woning valt in Box 3, en de opgebouwde waarde wordt elk jaar met 1,2% belast. Ook deze uitkering is bij overlijden of op de einddatum, onder bepaalde voorwaarden, onbelast.

Andere leningen
Leningen voor een ander doel dan de aankoop, onderhoud of verbetering van de eigen woning, vallen in box 3. De rente over deze leningen is niet aftrekbaar. Het bedrag van deze schuld mag u wel in mindering brengen op uw vermogen voor de heffing van box 3. U betaalt dan 1,2% vermogensrendementsheffing over een lager bedrag. Voor deze schulden geldt wel een drempel van € 2.700,- per persoon.

 
Kapitaalverzekeringen 

 ^top

Kapitaalverzekeringen
Het boxenstelsel kent drie boxen. De kapitaalverzekering eigen woning (KEW) valt in box 1. De kapitaalverzekeringen, gesloten na 1 januari 2001, behoren in ieder geval tot box 3. Binnen het boxenstelsel hebben ook de op 31 december 2000 reeds bestaande kapitaalverzekeringen (pré-BH-regime of BH-regime) hun plaats gekregen.

Nieuwe kapitaalverzekering
Over de waarde van een kapitaalverzekering (geen KEW), gesloten na 1 januari 2001 moet u jaarlijks 1,2% belasting betalen in box 3. Immers 30% over 4% fictief rendement is 1,2%. De uitkering uit de verzekering is belastingvrij.

Op 1 januari 2001 bestaande kapitaalverzekeringen
Een kapitaalverzekering die is gesloten vóór 2001 valt onder het overgangsrecht als de verzekering aan alle onderstaande voorwaarden voldoet:

  • De verzekering is afgesloten voor 15 september 1999.
  • De verzekering is op of na 14 september 1999 niet verhoogd (behoudens op grond van een vóór 15 september 1999 toegekende "normale en gebruikelijk optie- en/of verhogingsclausule")
  • De duur van de verzekering is op of na 14 september 1999 niet verlengd

Overgangsrecht
Volgens het overgangsrecht heeft een belastingplichtige recht op een vrijstelling tijdens de looptijd van de verzekering van maximaal € 123.428,- voor de gezamenlijke waarde van alle kapitaalverzekeringen die onder het overgangsrecht vallen. Voor zover de waarde van de verzekering onder de vrijstelling valt, hoeft geen 1,2% belasting betaald te worden. Als de waarde van alle kapitaalverzekeringen tezamen meer gaat bedragen dan € 123.428,- is in beginsel jaarlijks 1,2% belasting in box 3 verschuldigd over het meerdere.

Einddatum
Een op 31 december 2000 bestaande kapitaalverzekering die voldoet aan de voorwaarden van het destijds geldende fiscale regime (pré brede herwaardering dan wel brede herwaardering) voor een belastingvrije uitkering en de verzekering blijft voldoen aan deze voorwaarden, dan is de uitkering belastingvrij. Als de uitkering niet (geheel) belastingvrij is zult u belasting moeten betalen over het rentebestanddeel in (het meerdere boven) de (vrijgestelde) uitkering. Als u een uitkering heeft genoten of gaat genieten uit een kapitaalverzekering die na 1 januari 1992 is gesloten, dan vermindert de belastingvrije uitkering de vrijstelling van € 123.428,- in box 3 alsmede de 'lifetime' uitkeringsvrijstelling. Deze vrijstelling geldt tijdens de looptijd van de verzekering. De vermindering geldt dus alleen voor andere nog lopende verzekeringen die volgens het overgangsrecht recht hebben op deze vrijstelling.